De lustige lvd vissers

 


De aassoort die in ons land het meest gebruikt en verkocht wordt is ongetwijfeld de made. Een superaas dat tegenwoordig in verband met de kleurstoffen-ellende alleen nog maar in de kleur wit bij de wedstrijden is toegestaan, en terecht! Er werd gewerkt met kleurstoffen die niet best zijn voor het milieu. Men dacht immers dat met rode en bronskleurige maden een wedstrijd zou kunnen winnen of een visdag succesvol kunnen afsluiten!. Gelukkig bleek al heel snel dat de vis kleurenblind is, of sterft van de honger, want de vangsten liepen niet echt terug. Het belangrijkste voordeel van witte maden is; geen kankerverwekkende kleurstoffen in onze vis en viswateren.

De bekendste made is de castermade (Calliphora Vomitoria). Dit is een soort dat erg geliefd is bij de vissers, omdat de maden wat dikker zijn. Verder is deze made erg geschikt voor het maken van casters.

Dan zijn er nog de Franse maden (Phormia Terrae Novae). Dit zijn maden die langer houdbaar zijn, omdat ze minder snel verpoppen dan de castermaden. Voor de recreatie-visser is deze made uitermate geschikt, omdat die wat langer met een portie maden wil doen dan de wedstrijdvisser.

Als we dan verder gaan hebben we ook nog de pinkymade (Lucilia Caesar). Dit zijn kleine maden die voornamelijk gebruikt worden voor het bijvoeren. Vandaar ook wel de naam voermaden.

Het bewaren van maden levert nog wel eens de nodige problemen op. Verschillende maden moeten ook op verschillende temperaturen bewaard worden. Zo bewaren wij de castermaden op een gemiddelde temperatuur van 0 graden C. De temperatuur van de Franse maden en de pinkymaden ligt daar een paar graden boven, namelijk 3 graden C. Alleen als de maden op deze temperaturen bewaard worden blijven ze langere tijd goed. Bij te hoge temperaturen wordt het verpoppingsproces van de maden versneld.

Doordat er meer aandacht aan de maden werd geschonken door de sportvisser, werd ook hij kritischer op hetgeen hem werd aangeboden. Vroeger zat er tussen de maden veel afval zoals graten, zemelen, maismeel. De zemelen en het maismeel zorgden ervoor dat de stank werd beperkt en om ze droog te houden. Tegenwoordig worden de maden brandschoon bij de winkelier afgeleverd en deze bewaard de maden in speciale bakken in een grote koelkast.

Gelukkig zijn er winkeliers die werkelijk niets teveel is om de klant tevreden te stellen. Zij wassen hun maden om ze op deze manier optimaal te kunnen presenteren aan hun klanten. Heeft u toch vuile maden aangekocht, dan kunt u ze thuis ook zelf schoon wassen. Je kunt ze door een bak met zand laten kruipen, daarna uitzeven en schoon zijn ze. De maden kunnen ook in lauw water worden afgespoelt, voeg aan het water een klein beetje afwasmiddel toe, om het ontvetten te versnellen. De maden maar heel even onderdompelen in dit lauw water. Daarna drogen en dan door laagje maismeel laten kruipen wat er voor zorgt dat de maden droog en reukloos blijven

Dat een hengelaar zich aan de omstandigheden moet aanpassen is inmiddels bekend en zelfs een deel van het vissen geworden, meer dan ooit te voren! Wanneer wij maden vissen tijdens de wintermaanden, dan knippen we af en toe het puntje van de made eraf. Dit om het zachte vlees en sap aan de vis te presenteren, om de vis te verleiden. Dus net zoals bij casters en hennep, waar het huidje wegpelden. Zo knijpen we ook soms de maden plat, met name wanneer de vis aast op een aanbieding van meerdere maden aan de haak. De platgeknepen maden barsten open en vormen zo een aantrekkelijke hap. Toegegeven, geen fris onderdeel maar het werkt wel!